Arbeidsrecht ontslag op staande voet

januari 13, 2017

Dit is geen grap

Een productiemedewerker van een bakkerij in Bunschoten-Spakenburg stuurt op een zondag bij wijze van grap per Messenger van Facebook het volgende bericht aan zijn leidinggevende (de heer A):

‘Dit zit me toch een beetje dwars. Kreeg dit gisteren van [voornaam van B]. Snap er helemaal niets van. (…)’.

Bij dit bericht is het volgende door werknemer verzonnen bericht van de heer B (de leidinggevende van zijn leidinggevende, de heer A) meegestuurd:

‘Za, 27/8/2016 Verdomme jongens, ik weet niet wat jullie gisteren allemaal uitgespookt hebben, maar het is één grote bende hier. En dat moest nou maar is afgelopen zijn. Ik ben in staat om jullie er allemaal uit te gooien. Maandag gesprek op kantoor. [B] 09.50.’

Pas de volgende dag, maandag, is het de heer A duidelijk geworden dat de werknemer het bericht voor de grap aan hem had gestuurd. De werkgever was niet gecharmeerd van de grap van werknemer. Het verstoren van de zondagsrust, het vloeken (“verdomme”) en de onwaarheid van het bericht vielen bij werkgever niet in goede aarde.

Werknemer werd op staande voet ontslagen.

Werknemer berust in het feit dat zijn dienstverband is geëindigd maar verzoekt de rechter wel om veroordeling van werkgeefster tot betaling van de transitievergoeding, alsmede een billijke vergoeding en een vergoeding wegens onregelmatige opzegging.

De kantonrechter oordeelt als volgt

Werknemer heeft met zijn grap de grenzen van het acceptabele overschreden.

Hoewel werkgeefster de verzending van het bericht dus niet hoeft te accepteren, is de gedraging van werknemer nu ook weer niet zo ernstig dat zij in de omstandigheden van dit geval een dringende reden voor ontslag oplevert. Daarvoor zijn de gevolgen van een ontslag op staande voet voor werknemer te ingrijpend. Onder meer nu werknemer lange tijd naar behoren heeft gefunctioneerd had werkgeefster moeten kiezen voor een minder zware sanctie. De slotsom is dus dat er geen sprake is van een dringende reden als bedoeld in artikel 7:678 BW. De vergoeding wegens onregelmatige opzegging is dan ook verschuldigd en werkgeefster wordt veroordeeld tot betaling daarvan.

De rechter kent aan werknemer ook de transitievergoeding toe. Deze vergoeding wordt berekend aan de hand van een in de wet geregelde formule en komt in dit geval neer op € 26.182 bruto.

Bovendien kent de rechter in dit geval ook nog een billijke vergoeding toe. De reden hiervan is dat het ontslag op staande voet ten onrechte is gegeven. De kantonrechter stelt de billijke vergoeding op            € 7.500 bruto. De kantonrechter ziet geen aanleiding om een hoger bedrag als billijke vergoeding toe te kennen. Daarbij weegt mee dat werknemer zelf een misselijke grap heeft gemaakt. [1]

Dit is geen grap.

 

[1] Kantonrechter Amersfoort 21-12-2016

ECLI:NL:RBMNE:2016:6938